Salomon Mincostraat onthuld in Oldenzaal
In een nieuwbouwwijk van de gemeente Oldenzaal zin vorige week de straatnaamborden onthuld. In het kader van tachtig jaar bevrijding hebben drie straten de naam van verzetsmensen gekregen. Eén straat werd vernoemd naar het Joodse oorlogsslachtoffer Salomon Minco. De vier straten die de nieuwe buurt vormen, worden verbonden door de Vrijheidslaan.
De hele buurt moet nog wel gebouwd worden. Voorlopig liggen er alleen de straten. Die van Minco loopt ‘heel toepasselijk’ dood. Het gaat nog wel een paar jaar duren voordat wijk echt gaat leven, maar dat neemt niet weg dat volgens een oud Joods gezegde iemand pas vergeten is als zijn naam niet meer genoemd wordt. Die van Salomon Minco leeft in de naar hem vernoemde straat hopelijk weer voor lange tijd voort.
De namen van Minco, zijn vrouw Cato de Leeuw, hun kinderen Truda, Lea en Juhadith, en de inwonende vader van Cato, Isaac Meijer de Leeuw, leven ook voort dankzij de struikelstenen die vlakbij op de Bisschopsstraat liggen, waar hun laatste woonhuis stond. Hun winkelpandje werd na de deportatie van de familie door de nazi’s verkocht aan de gemeente Oldenzaal en vervolgens gesloopt om ruimte te maken voor een nieuwe zijstraat.
Pointer
Doordat het tv-programma Pointer in 2020 aandacht besteedde aan deze omstreden vastgoedtransactie en de kille opstelling van de gemeente na de oorlog, kwam de kleinzoon van Salomon’s broer David in contact met de burgemeester Patrick Welman (CDA) van Oldenzaal. In de loop der jaren resulteerde dat in excuses voor het aangedane leed en een 4 mei lezing, maar ook in gesprekken over Salomon’s naam voor een straat.
Met de ontwikkeling van de nieuwe wijk ging de realisatie daarvan in vervulling. Nabestaanden van het Sjoa-slachtoffer hielden vorige week donderdag bij de onthulling van de naamplaten korte verhalen. Dat deden ze om de personen waarover het gaat een gezicht te geven. Op een centrale plek in de wijk komt ook een bord met uitleg over de vier namen.
Razzia
Salomon Minco staat symbool voor alle uit Oldenzaal gedeporteerde Joden, waarvan de meesten in oktober 1942 bij een razzia werden opgepakt en afgevoerd. Op zijn naambord staat als onderschrift: ‘Ter nagedachtenis aan de Oldenzaals Joodse gemeenschap’. De Joodse mannen uit de stad werkten eerder dat jaar al gedwongen in Nederlandse werkkampen, zo ook Salomon.
In de nacht van 2 op 3 oktober 1942 haalden de nazi’s deze kampen in het hele land leeg en deporteerden allen naar Westerbork. Tegelijkertijd hielden ze in vooral het oosten van het land grote razzia’s, waarbij complete families werden opgepakt en eveneens naar Westerbork gestuurd. Zo vond gezinshereniging plaats. Kort daarop vertrokken de treinen – toen nog passagierswagons – naar Auschwitz.
Zonder afscheid
Eenmaal in het vernietigingskamp aangekomen, gingen de vrouwen, kinderen en ouderen direct door naar de gaskamers. Minder bekend is dat veel mannen tussen de vijftien en vijftig jaar oud circa tachtig kilometer voor Auschwitz, bij Cosel, de trein moesten verlaten zonder afscheid te kunnen nemen. Zo gebeurde dat ook met het transport van Salomon Minco.
Op 16 oktober selecteerden de Duitsers 570 mannen voor dwangarbeid in Silezië, gelegen in het tegenwoordige Polen. Zij moesten bij strenge vorst zwaar lichamelijk werk verrichten, leefden onder de meest erbarmelijke omstandigheden en kregen nauwelijks te eten. Dat overleefde vrijwel niemand, ook Salomon niet. Vernichtung durch Arbeid noemde de nationaalsocialisten dat toepasselijk.

Waardeert u dit artikel?
Doneer hier dan een klein bedrag. Jonet.nl is een journalistiek platform dat zonder giften niet kan bestaan. Wij danken u bij voorbaat.
Wil je meer informatie of een hoger bedrag doneren? Ga naar jonet.nl/doneren






