‘Abracadabra’, eerbetoon aan Joodse magiërs
In het Joods Museum in Amsterdam is vanaf 25 september 2026 tot en met 29 maart 2027 de expositie Abracadabra, geheimen van Houdini tot Hans Klok te zien. Een eerbetoon aan Joodse goochelaars en illusionisten. Kinderen kunnen ook zelf trucjes doen. Want wie wil er nu niet iemand doormidden zagen of laten verdwijnen.
De expositieruimten in het Joods museum zijn omgetoverd in magische theaters voor een prachtige reis door de rijke geschiedenis van Joodse illusionisten. Zij begonnen in het circus of op marktpleinen. maar aan het begin van de twintigste eeuw veranderde dat. Nieuwe generaties artiesten creëerden voor zichzelf nieuwe, zelfverzonnen identiteiten en voor het publiek magische shows met tot in detail uitgewerkte acts en spectakel. Niet langer in een hoekje van het marktplein, maar op wereldtournee in grote theaters.
De bekendste illusionist is natuurlijk de Hongaars-Amerikaanse Harry Houdini, geboren als Ehrich Weiss. Hij is beter bekend als de boeienkoning. Hoe ingewikkeld de boeien of de dozen of kisten waarin hij was opgesloten ook waren, hij wist altijd te ontsnappen. Dit jaar vieren zijn vakgenoten en zijn fans zijn honderdste sterfdag. De Joodse Houdini overleed op 31 oktober 1926, vermoedelijk aan de gevolgen van een blindedarmontsteking. Hij was pas 52 jaar oud.

Nalatenschap
Misschien minder bekend, maar net zo invloedrijk was de Nederlandse illusionist Okito. Een fictief personage, bedacht door Theo Bamberg. Hij werd geboren in een Joodse goochelaarsfamilie, die zes generaties lang massa’s fans vermaakte met uitgedachte voorstellingen. Een deel van de nalatenschap van Okito kwam in 2022 in handen van zijn huidige vakgenoot Hans Klok.
De voorwerpen waren in bezit van de illusionist Paul van Barneveld. Hij mailde Klok of hij die wilde hebben, maar het bericht belandde in de spambox. Toen Van Barneveld in 2022 overleed, ontdekte zijn weduwe dat Klok nooit op de mail had gereageerd en stuurde opnieuw een bericht. Ditmaal zag Klok het wel. De collectie bleek een goudmijn. Plakboeken en reclamemateriaal zoals posters en flyers, en attributen van zijn shows.
Zelfs de zegelring die Okito rond 1905 ontving van de toenmalige koning van Siam, het tegenwoordige Thailand, zat erbij. Uit deze collectie komt ook het magische theekistje, dat hij zelf bouwde en beschilderde. Het kistje is een van de voorbeelden zijn werkwijze en oog voor detail, zegt Hans Klok. Hij Klok is een groot bewonderaar van Okito, die hem inspireerde voor zijn eigen acts. Hij benaderde het Joods Museum met het idee die items aan een groot publiek te laten zien.

Vier thema’s
Zo ontstond een expositie waarin elf Joodse illusionisten centraal staan. Tien mannen en één vrouw, Adelaide Herrmann. Eveneens afkomstig uit een familie van illusionisten, maakte zij naam door afgeschoten kogels op te vangen met haar tanden. Een levensgevaarlijke act, waaraan zelfs Hans Klok zich niet waagt, vertelt hij tijdens de perspresentatie.
Herrmann is bovendien de enige niet-Joodse theatermaker op de expositie. “Zij verdient een plek in dit overzicht,” zegt conservator Titia Zoeter. De echtgenote van de Joodse illusionist Alexander Herrmann nam zijn show na diens dood over en toerde 25 jaar lang langs theaterzalen. Door haar gevaarlijke acts geldt zij als een grote vernieuwer en een enorme doorzetter die als The Queen Of Magic haar plaats veroverde in een door mannen gedomineerd vak. Niet voor niets is zij te vinden in de horrorkamer van de expositie.
Verdwijnen, zweven, ontsnappen en horror. Die vier thema’s vormen een reis door de wereld van de illusionisten. Ieder thema heeft zijn eigen specialisten. De verdwijnende konijnen van Imro Fox, de zwevende bal van Okito, de adembenemende ontsnappingen van grootmeester Houdini en in het griezeltheater ontbreekt ook het doormidden zagen van een lieftallige assistent niet.
In stukken delen
Die laatste act heeft een lange ontwikkeling doorgemaakt. Eerst lag de ‘ongelukkige’ in een houten doos. Later in een doorzichtige glazen kist en tegenwoordig zijn er illusionisten die hun slachtoffer in het zicht op tafel leggen. Zo groeide de magie van het moment door de jaren heen. De act staat bijna synoniem voor de goochelaar.
De Litouwse magiër Horace Goldin voerde de act tot in het extreme door met de introductie van een cirkelzaag. En dat dit huiveringwekkend was, mocht het publiek niet ontgaan. Er zaten dokters en verpleegkundigen in de zaal ‘voor het geval er iets mis ging’. Het bloed bespatte de bezoekers op de voorste rijen. Soms leek het zelfs echt fout te gaan, hoewel zo’n ongeluk uiteraard altijd goed afliep.

Magische Okito
Okito geldt onder illusionisten wereldwijd dus nog steeds als een van de grootsten. Toch gaat er een tragisch verhaal schuil achter zijn personage. Hij was bijna geheel doof en kon daardoor niet communiceren met zijn publiek. Daarom bedacht hij de Japanse magiër Okito als zijn alter ego. Want een Japanner sprak natuurlijk geen Nederlands. Later kwam Okito trouwens zogenaamd uit China, omdat Chinese kleding in Amsterdam overal te koop was.
Zijn beroemdste truc was ‘de zwevende bal’. Een grote ijzeren bal die van de ene kant naar de andere kant van het podium zweefde. De Amerikaanse goochelaarsfamilie Blackstone ontwikkelde dezelfde truc met een brandende gloeilamp. Eerst op het podium en later kon de lamp zelfs de zaal in zweven. Klok is de enige ter wereld die deze act met de lamp mag uitvoeren.
Abrupt einde
De Joodse illusionistenwereld in Nederland eindigde abrupt na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Okito slaagde erin om, alles achterlatend, naar Chicago te vluchten. Larette, de artiestennaam van de Oostenrijker Cornel Hauer, en beroemd om zijn Amsterdamse goochelwinkel en goochelschool, pleegde zelfmoord toen Duitse soldaten aanbelden. Professor Ben Ali-Libi, geboren als Michel Velleman, werd met zijn gezin vermoord in Sobibor – na de oorlog zorgde een gedicht van Willem Wilmink ervoor dat hij niet werd vergeten.
De magie op het podium blijkt, ondanks dappere pogingen van YouTubers die denken het geheim te ontrafelen, onverwoestbaar. In het Joods Museum kunnen ook jonge aspirant-goochelaars hun hart ophalen. Aan de hand van instructievideo’s van Hans Klok kunnen zij een paar acts zelf uitvoeren. Je vader laten zweven of je zusje doormidden zagen. Wie wil dat nou niet?
De expositie ‘Abracadabra’ is te zien van 25 september 2026 tot en met 29 maart 2027 in het Joods Museum in Amsterdam. Kijk voor openingstijden en toegangsprijzen op de website van het museum.
Waardeert u dit artikel?
Doneer hier dan een klein bedrag. Jonet.nl is een journalistiek platform dat zonder giften niet kan bestaan. Wij danken u bij voorbaat.
Wil je meer informatie of een hoger bedrag doneren? Ga naar jonet.nl/doneren






