Rijk moet doek teruggeven aan erven Goudstikker
De erven van de Joodse kunstverzamelaar Jacques Goudstikker moeten het doek Vissers aan de oevers van een plas van schilder Jan van Goyen terugkrijgen. Dat heeft de Restitutiecommissie aanbevolen aan minister Rianne Letschert (D66) van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Het schilderij maakt momenteel deel uit van de Rijkscollectie en bevindt zich in het Mauritshuis in Den Haag.
Uit uitgebreid herkomstonderzoek blijkt dat het schilderij behoorde tot de kunsthandel Goudstikker. Het was ook in diens eigendom. Het bezit van het kunstwerk is in de Tweede Wereldoorlog ‘onvrijwillig verloren als gevolg van omstandigheden die direct verband hielden met het nazi-regime’, aldus de commissie, dat bij de beoordeling ook keek naar eerdere claims en zaken rond de Goudstikkercollectie.
Göring
Kort na de inval van mei 1940 vluchtte Goudstikker met zijn gezin per boot naar Engeland. Tijdens de overtocht kwam hij door een ongeval om het leven. Zijn kunsthandel bleef in Amsterdam achter met een grote voorraad werken waar de Duitsers veel belangstelling voor hadden. In de eerste maanden van de bezetting werden grote delen van de collectie verkocht aan nazi-bons Hermann Göring en de Duitse zakenman Alois Miedl.
Gunstig gezind
Het schilderij van Van Goyen ging naar de Göring-collectie, aldus de commissie, die oordeelt dat de weduwe van Jacques Goudstikker nooit heeft ingestemd met de transactie. Zij was grootaandeelhouder van de kunsthandel. Bovendien waren de verkopen alleen mogelijk door de benoeming van een directeur die de Duitse koper gunstig gezind was.
Roofkunst
Ook wijst de Restitutiecommissie erop dat verschillende kunstwerken al naar Duitsland waren overgebracht voordat de formele koopovereenkomsten waren getekend. Dit past in het beeld van de nazi-autoriteiten als een partij die roofde of verkopen afdwong, en daar later een schijn van legaliteit aan ophing. Op die manier zijn in Duitsland en bezette landen veel kunstobjecten van Joden geroofd.
Erfrecht
Bij haar beoordeling heeft de commissie ook rekening gehouden met de complexe geschiedenis van eerdere (rechtsherstel)procedures en restitutieverzoeken rondom de kunstcollectie van Goudstikker, aldus het persbericht. ‘Op basis van de vastgestelde feiten adviseert de commissie de minister om het schilderij te restitueren aan de rechtsopvolgers krachtens erfrecht van Jacques Goudstikker’.
Goudstikker-affaire
Een deel van de gestolen Goudstikker-collectie kwam na de oorlog in handen van de Nederlandse overheid, die in 2006 tot een restitutie kwam nadat de erven Goudstikker een langlopende claim hadden. Zeker 202 schilderijen kregen zij terug. De roof en restitutie zou bekend komen te staan als de Goudstikker-affaire. Later maakten ze bekend dat ze blijven doorknokken om de overige negenhonderd vermiste objecten terug te vinden.
Over de commissie
Sinds 2001 behandelt de Adviescommissie Restitutieverzoeken Cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog – kortweg de Restitutiecommissie – teruggave-verzoeken waar het gaat om nazi-roofkunst. De commissie is ingesteld door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, maar opereert onafhankelijk. Bijna altijd nemen ministers het deskundige advies van de commissie over.
Waardeert u dit artikel?
Doneer hier dan een klein bedrag. Jonet.nl is een journalistiek platform dat zonder giften niet kan bestaan. Wij danken u bij voorbaat.
Wil je meer informatie of een hoger bedrag doneren? Ga naar jonet.nl/doneren






