De kanaries – column Theo van Praag
Joden worden de ‘kanarie in de kolenmijn’ genoemd. Mijnwerkers namen kanaries mee in de mijnen, omdat die vogels zouden sterven van de gassen die uit de kolen ontsnapten nog voordat het niveau van de gassen dermate zou toenemen dat het de mannen zou doden of de gassen zouden exploderen. Wanneer de kanarie stopte met zingen, was dat een waarschuwing voor de mannen om snel de mijn te verlaten. Hoe is dit een gepaste metafoor voor de Joden geworden? Aan de basis van de metafoor ligt het besef dat wat er met de Joden gebeurt weldra iedereen overkomen zal (J. P. Golbert).
Er wordt nu moord en brand geschreeuwd over het racisme op de voetbalvelden. Terecht, want het is voor de spelers en zijn maten én het goedwillende publiek misselijkmakend. Maar naast racisme nu is er al decennialang antisemitisme. Zelfs (!) na de oorlog. Dat was geen nieuw verschijnsel op de Nederlandse sportvelden. Al in de jaren dertig werd er melding van gemaakt. De Joodse voetbalclubs in Amsterdam werden vooral op het platteland lastiggevallen bij NSB-clubs, soms met steun van een toekijkende agent. Bij de thuiswedstrijden in Amsterdam werd dan wraak genomen.
Na de Tweede Wereldoorlog was er wel steun voor de Joodse sporters, maar slechts incidenteel. De Joodse oud-voetballer Maupie Waterman vertelde: “De christenmensen in mijn team waren zo! Het gebeurde wel eens dat een tegenstander me uitschold, vlak na de oorlog ook nog. Zo’n christenjongen schopte binnen twee minuten zo’n speler eruit. Zo waren ze wel.” (Jurryt van de Vooren)
In die tijd kreeg Ajax de geuzennaam ‘Joden’. Dat kwam vooral omdat de fans van rivaliserende clubs Ajax het Joodse imago toekenden. Dat imago had te maken met de locatie van de club in het oosten van Amsterdam waar vóór de Tweede Wereldoorlog veel Joden woonden. Mede daardoor had de club toen ook relatief veel Joodse supporters. In de jaren tachtig begonnen supporters van een aantal voetbalclubs van de grote steden (FC Utrecht, ADO Den Haag, Feyenoord in Rotterdam) Ajax als ‘Jodenclub’ te bestempelen. Ajax-supporters kregen vanaf toen slogans te verduren als ‘Wij gaan op jodenjacht’ en ‘Dood aan de Joden’. Geleidelijk aan werd de scheldnaam ‘Jodenclub’ een geuzennaam voor de Ajax-supporters; ze gingen zich ‘Joden’ of ‘superjoden’ noemen en zich tooien met de davidster en later ook met Israëlische vlaggen.
De associatie van Joden met gas is een belangrijk kenmerk van het antisemitische repertoire NA de Tweede Wereldoorlog in Nederland. In de jaren tachtig dook de gas-metafoor op in de voetbalstadions, in de vorm van sis-geluiden en in de leuzen ‘we gaan op Jodenjacht’, en nog weer later ‘Hamas, Hamas alle Joden aan het gas’.
De kritische reacties van onder andere Frits Barend en Joodse organisaties als FJN en het CIDI riepen weerstand op. Sommige betrokkenen en commentatoren vonden dat er sprake was van Joodse overgevoeligheid en overreactie. Joden zouden het incident hebben ‘opgeblazen’ en altijd de Tweede Wereldoorlog erbij halen. Dit is een voorbeeld van slachtoffer-daderomkering oftewel blaming the victim.
Heel Europa racistisch en antisemitisch?
Twee jaar geleden ging in Italië een oude wond open. Het Italiaanse voetbal, dit seizoen juist geprezen vanwege zijn attractieve competitie, beleefde een week van racisme en antisemitisme. De fans van de club Lazio Roma maakten leuzen en stickers tegen AS Roma fans met de tekst ‘Roma-fans zijn Joden’. De premier van Italië veroordeelde dit en noemde het ‘ongelooflijk en onacceptabel’. Ook de voorzitter van Lazio Roma veroordeelde het wangedrag van zijn supporters. Hij kondigde aan dat zijn club een nieuwe campagne tegen antisemitisme zal beginnen, waarbij hij met tweehonderd Lazio-fans een bezoek wil brengen aan Auschwitz. Tevens legde hij een krans bij een synagoge in Rome maar later noemde hij dat zelf een schijnvertoning. De Italiaanse voetbalbond leverde direct een statement af. De bond besloot dat alle wedstrijden in de Serie A, B en C van die week voorafgegaan zouden worden door een minuut stilte, terwijl er een passage uit het dagboek van Anne Frank zou worden voorgelezen. Ook deelden spelers de dagboeken uit aan kinderen. Maar wat een goede daad had moeten worden, liep uit op een fiasco.
Het antisemitisme en racisme zitten diepgeworteld in het Italiaanse clubvoetbal. Bij Lazio voert het terug naar de opkomst van fascist Benito Mussolini, die aanhanger was van de club en voetbal gebruikte als een instrument om kiezers te winnen. Die extreemrechtse signatuur steekt nog regelmatig de kop op bij Lazio. Bijvoorbeeld toen Aron Winter in 1992 verkaste van Ajax naar Lazio. Een donkere speler met een Joodse voornaam was reden voor massale protesten en apengeluiden.
Waar komen die antisemitische spreekkoren vandaan? Er is een klein onderzoek gedaan door de Anne Frank Stichting, waarin gekeken is naar de antisemitische spreekkoren in Engeland, Nederland, Duitsland en Polen. Het CIDI heeft regelmatig overleg met de KNVB en voetbalclubs. Maar het lijkt niets uit te halen. Volgens het CIDI is er internationaal maar één voetbalclub die echt ingegrepen heeft tegen antisemitische uitingen en dat is Chelsea uit Engeland. Zij hebben officieel beleid tegen de ongewenste uitingen en maken regelmatig filmpjes waarin duidelijk wordt hoe de club over antisemitische teksten denkt.
Nog maar een keer: ‘Als Europa antisemitisme laat opbloeien, zal dat het begin van het einde van het werelddeel zijn. Antisemitisme gaat niet over Joden. Het gaat over antisemieten. Het gaat over mensen die geen verantwoordelijkheid kunnen nemen voor hun eigen fouten en in plaats daarvan een ander de schuld geven’ (Rabbi Lord Jonathan Sacks).
Wat er met de Joden gebeurt, zal weldra iedereen overkomen.
Deze column is mede mogelijk gemaakt door Stichting Maror.
Waardeert u dit artikel?
Doneer hier dan een klein bedrag. Jonet.nl is een journalistiek platform dat zonder giften niet kan bestaan. Wij danken u bij voorbaat.
Wil je meer informatie of een hoger bedrag doneren? Ga naar jonet.nl/doneren








