Er was geen begripvolle psychiater – column Awraham Meijers

Awraham Meijers
Facebook

Columnist Awraham Meijers (82) bezocht de presentatie van het Nationale Dankteken voor de verzetshelden die in de bange jaren ’40-’45 hun Joodse medeburgers hebben gered. Als kleine jongen moest ook hij onderduiken. Dankzij de verzetsmensen kon hij overleven. Voor hem was het een emotionele bijeenkomst.

Afgelopen week was ik uitgenodigd bij de perspresentatie van een kunstwerk in het Nationaal Holocaust Museum in wordinng, waar op 5 maart aanstaande dit werk van Gabriel Lester zal worden onthuld. De sculptuur is een in brons gegoten staande ladder waarvan de symboliek duidelijk is: ‘Op naar daar waar het licht (weer) is’.

De bijeenkomst werd ingeleid door onder andere de 89-jarige Maurits Cohen, een van de initiatiefnemers van Lesters’ kunstwerk. Dat is een eerbetoon is aan de helden die tijdens de Tweede Wereldoorlog met gevaar voor eigen leven en dat van hun naasten, hun Joodse medeburgers een onderduikplek hebben geboden. Maurits was de enige van zijn gezin die de oorlog heeft overleefd.

Na de oorlog is hij opgenomen door Rebecca, de zuster van zijn moeder, en haar man. Een moeilijke tijd, want hij miste vooral de warmte binnen het onderduikgezin bij de weduwe Ien van der Neut in Sassenheim. Toverwoorden besprongen mij bij die laatste woorden. ‘Warmte binnen een gezin’. Warmte. Begrip, Geborgenheid. Liefde.

Ik was kennelijk een listige – want Joodse – vijand van het Groot Duitsche Rijk en moest daarom tijdens de oorlog onderduiken. Ik werd opgenomen als hun jongste kind in het liefdevolle gezin van dominee Müller en zijn vrouw in Nijverdal. Anderhalf jaar jong. Ik wist niet beter dan dat zij mijn ouders waren, de vier jongens mijn broers en de drie meiden m’n zusjes.

Te jong was ik om te beseffen dat de soldaten die langs ons huis marcheerden mijn moordenaars zouden kunnen zijn. Te jong om te beseffen waarom mijn familieleden huilden wanneer er weer mensen uit hun omgeving waren vermoord. Te jong om te begrijpen waarom de ouderlingen die na de kerkdienst koffie op de pastorie dronken, af en toe met elkaar fluisterden. Te jong om te begrijpen dat, als bepaalde verdachte mensen op bezoek kwamen, ik de kamer werd uitgestuurd om de volière in de tuin schoon te maken. Te jong om te begrijpen dat mijn moeder overspannen was door alle spanningen. Te jong om te begrijpen dat ‘pappa dominee’ soms een paar dagen niet thuis was om de moffen te ontlopen. Te jong om te begrijpen waarom de brug over het riviertje de Regge was opgeblazen.

Op mijn vierde verjaardag is Nijverdal door de negende Canadese tankdivisie bevrijd. Ik was te jong om het verschil te kennen tussen onderdrukking en vrijheid.

Diezelfde dag kwam een mevrouw aangefietst en zei dat ze mijn moeder is: “En we gaan zometeen naar jouw lieve pappa.” Hoe kan dat nou? Mijn pappa zit hier in zijn leunstoel en mijn mamma omhelst die rare mevrouw. En waarom staan mijn zussen daar te janken? En waarom noemt ze mij Bram? Ik heet toch Freddie. Bram klonk kennelijk te Joods en daarom heette ik Freddie sinds ik was opgenomen bij de familie Müller.

Een uur later zit ik achter op de fiets bij die mevrouw en rijden we naar een huis waar haar man op ons wacht. Hij huilt even, aait onwennig over mijn hoofd en huilt weer. Hij zegt verder eigenlijk niet veel. De mevrouw dwingt mij min of meer om pappa en mamma te zeggen. “Toe nou jochie, ik ben je mamma en naast jou staat je pappa. Zeg nou eens pappa.” Dan vraag ik of ze echt mijn mamma is. Ze huilt. Ik huil. Ik wil terug naar mijn broertjes en zusjes. Ik wil zondag weer naar de kerk van pappa dominee.

Ik was te jong om alles wat er gezegd werd te begrijpen. Ik barstte maandenlang van heimwee naar pappa en mamma dominee, naar mijn zusjes en broertjes. Nee, er was geen begripvolle psychiater in de buurt.

De dominee, zijn vrouw en hun kinderen zijn inmiddels overleden. Maar de kleinkinderen, hun levenspartners, mijn vrouw en ik, wij beschouwen elkaar nog steeds als échte familie van elkaar.

Maurits Cohen is zeven jaar ouder dan ik en kon destijds beter bevatten wat de vijfde mei 1945 betekende. Maar het gemis van zijn liefdevolle onderduikmoeder Ien heeft ook bij hem keihard toegeslagen.

Logo Maror.

Deze column is mede mogelijk gemaakt door Stichting Maror.

Categorie: |

Home » Columns en opinie » Er was geen begripvolle psychiater – column Awraham Meijers