Laat die Davidster schijnen – column Jonath Weinberger
In deze column neemt Jonath Weinberger de lezer mee van Antwerpen naar Amsterdam, en reflecteert ze op identiteit, zichtbaarheid en de vraag hoeveel ruimte er vandaag nog is om openlijk Joods te zijn in Mokum.
Bijna twee jaar geleden verhuisde ik naar Amsterdam vanwege de liefde. Grappig genoeg herinner ik me dat ik al als klein kind opperde dat ik naar Nederland wilde verhuizen. Ik vond Nederlanders al van jongs af aan een charmant en levendig volkje. Best apart, want veel Belgen vinden Nederlanders nogal luid en brutaal, maar ik vond die uitbundigheid en openheid juist zo leuk. Misschien omwille van mijn eigen introverte natuur bewonderde ik die extraverte kwaliteiten van onze noorderbuur.
Uiteindelijk zocht ik op mijn achttiende toch niet het noorden op, maar trok ik zuidwaarts, gedreven door mijn diepgewortelde zionistische overtuiging, naar het Beloofde Land. Zelfs daar hoopte ik stiekem nog een Joodse Nederlander tegen het lijf te komen, maar uiteindelijk trouwde ik met een Israëli in een orthodoxe setting.
Sjtetl
Na vijf jaar in Israël kwam ik met mijn toenmalige echtgenoot en onze twee dochters terug naar België, waar we in de Antwerpse sjtetl een leven opbouwden en daar nog twee zonen kregen. Antwerpen kent een sterke chassidische gemeenschap en Jiddisch is er nog steeds de voertaal. Joden wonen er nog steeds dicht op elkaar, niet ver van het centraal station.
Ikzelf woonde op de Belgiëlei, het hartje van de Joodse buurt, waar ook wel grappend naar verwezen wordt als midden in de chulent. Het orthodoxe leven is er duidelijk zichtbaar: mannen gekleed in zwart met hoeden, baarden en pijpenkrullen, en vrouwen met pruiken die kinderwagens voortduwen, vormen het klassieke straatbeeld. Antwerpse Joden etaleren hun Joodse identiteit zonder complexen of angst. Zo was ik zelf ook, tot ik naar Mokum trok.
Mokum
Amsterdam betekende voor mij meer vrijheid. Ik hoefde niet meer rigide mee te doen aan de streng orthodoxe levensstijl waar ik ooit zelf voor gekozen had. Qua aantal Joden zijn Amsterdam en Antwerpen vergelijkbaar, al telt de Scheldestad zo’n vijfduizend Joden meer, maar de geloofsbeleving blijkt wezenlijk anders. In het van nature complexloze, godsdiensttolerante Nederland bleek de Joodse gemeenschap haar identiteit angstvallig te verbergen.
Ik, trotse Joodse zionist, dacht hier niet aan toe te geven en weigerde mijn Joodse symbolen te verbergen. Ik liet dat principe al snel varen bij mijn kinderen wanneer er op straat meermaals op vijandige toon ‘Free Palestine’ naar mijn keppeldragende zoontjes werd geschreeuwd. Deze vorm van agressie is sinds zeven oktober ook in Antwerpen toegenomen, maar daar waan je je in de Joodse buurt nog veilig, omdat je er omringd bent door geloofsgenoten.
Sneller eenzaam
Omdat de Joodse gemeenschap in Amsterdam minder zichtbaar is, voel je je sneller eenzaam en geïsoleerd. Het stille verdwijnen van keppeltjes uit het straatbeeld van Mokum maakt dat elke kipa die toch zichtbaar wordt gedragen, extra opvalt. Ik begrijp waarom mensen terugdeinzen om als herkenbare Jood over straat te lopen. Het is echt heftig om op straat provocerend nageroepen te worden vanwege je identiteit. Gelukkig zijn er ook nog hartverwarmende taferelen.
Zo was er een oude man in onze buurt die toen hij mijn vijfjarig zoontje met keppeltje opmerkte, geëmotioneerd opstond en ons hartelijk sjalom toeriep. Hij riep nog na hoe blij hij was om dit beeld in zijn buurt te zien. Een dergelijke positieve bejegening heb ik in Antwerpen nooit meegemaakt. Want in Nederland zijn er gelukkig ook mensen die ons een hart onder de riem willen steken, zoals christenen voor Israël bijvoorbeeld. En dat is ook echt nodig in tijden als deze.
Laat die Davidster schijnen
Het lijkt me tijd om onze Joodse symbolen zoals de Davidster weer met trots te dragen, en opnieuw wat zichtbaarder te zijn. Koning David symboliseert de zege tegen een onmogelijk lijkende strijd. Het herinnert ons eraan dat wij, ook al zijn we klein van aantal, al eeuwen standhouden tegen elke poging tot vernietiging. Ik begrijp de angst, en moet mezelf op sommige momenten ook moed inpraten, maar we mogen niet toegeven aan antisemitisme dat ons bestaan wenst uit te wissen.
Als Nederland nog steeds zo tolerant is zoals het beweert te zijn, dan zouden we als Jood zonder gevaar over straat moeten kunnen. En als dat niet kan, wordt het tijd dat men ingrijpt. Zeker in de hoofdstad Amsterdam, waarvan de bijnaam Mokum van Joodse oorsprong is, mogen Joden niet uit het straatbeeld verdwijnen.
Waardeert u dit artikel?
Doneer hier dan een klein bedrag. Jonet.nl is een journalistiek platform dat zonder giften niet kan bestaan. Wij danken u bij voorbaat.
Wil je meer informatie of een hoger bedrag doneren? Ga naar jonet.nl/doneren







