Letschert en de 3,5 ton: hoe IJAR buiten beeld raakte

Rianne Letschert (beeld: DebatDirect)
Rianne Letschert (beeld: DebatDirect)

Het kabinet-Jetten maakte 3,5 ton vrij voor het bestrijden van antisemitisme in het hoger onderwijs. Maar wie kreeg het geld om het beleid in de praktijk uit te voeren? Antisemitisme.nl maakte daarover een reconstructie. Uit het stuk blijkt dat eerst de Joodse studentenorganisatie IJAR in beeld was bij onderwijsminister Rianne Letschert (D66), maar dat zij uiteindelijk koos voor Joods Maatschappelijk Werk (JMW) en het Nationaal Joods Studenten Overleg (NJSO). Ook draaide zij het frame over de aanpak om: van bovenaf naar bottom up.

De reconstructie draait om 350.000 euro die door het minderheidskabinet beschikbaar is gesteld voor de aanpak van antisemitisme en onveiligheid onder Joodse studenten en medewerkers in het hoger onderwijs. Volgens het stuk is het vooral interessant hoe het geld uiteindelijk wordt verdeeld en welke rol minister Letschert daarin speelt.

Gegrild

Het bedrag zelf is niet door de D66-politica bedacht, want het was al onder eerdere bewindspersonen beschikbaar gekomen. Letschert nam het dossier over en kreeg vervolgens de verantwoordelijkheid voor de verdere uitwerking. Daarover werd ze gegrild door de Tweede Kamer. Verder presenteerde ze de financiering als een zogenoemd ‘bottom-up-initiatief vanuit de Joodse gemeenschap’.

IJAR

Tijdens Letschert’s presentatie werd ook IJAR genoemd als een van de organisaties die om steun had gevraagd. Daarmee leek de Joodse studentenorganisatie aanvankelijk een belangrijke positie te hebben om het beleid uit te voeren. Echter, het liep uiteindelijk anders. De subsidie ging naar JMW en het NJSO van landelijk studentenrabbijn Yanki Jacobs.

Letschert

IJAR kon uiteindelijk fluiten naar het bedrag of een deel ervan. De vraag die de reconstructie stelt is hoe het komt dat die organisatie niets krijgt. Het stuk suggereert in eerste instantie dat gedurende het proces een andere groep organisaties een betere, meer prominente positie heeft gekregen. Daarbij komt de rol van Letschert nadrukkelijk in beeld.

Niet van onderaf

De minister is niet degene die het oorspronkelijke budget heeft vrijgemaakt, maar wel verantwoordelijk voor hoe het dossier dat verder wordt vormgegeven. Ze onderhield contact met de verschillende spelers en gegadigden, en presenteerde vervolgens de aanpak als een initiatief dat vanuit de Joodse gemeenschap zelf kwam. Maar de uiteindelijke keuze werd gemaakt door haar.

Netwerk

Volgens het stuk ontstond er voor de zomer er een netwerk van overheid, onderwijsinstellingen en Joodse organisaties waarin overleg, vertegenwoordiging, programma’s en subsidies steeds belangrijker werden. Het probleem van antisemitisme wordt zodoende steeds beter ‘bestuurlijk’ georganiseerd. Letschert wil Jodenhaat bestrijden, maar wel zo bestuurlijk mogelijk en in netwerken die bevallen of goed zouden uitkomen.

Niet zichtbaar

Maar wordt het hiermee voor Joodse studenten daadwerkelijk veiliger? Het beschikbaar stellen van geld is immers geen doel op zich. Uiteindelijk zou de aanpak moeten leiden tot minder antisemitische incidenten, minder intimidatie, minder uitsluiting, en een veiliger klimaat op universiteiten en hogescholen. Volgens de reconstructie zijn dergelijke concrete en meetbare doelstellingen echter nog onvoldoende zichtbaar.

Beeldvorming

Het beleid kan aan de buitenkant succesvol lijken, omdat er steeds meer bestuurlijke activiteiten en overleggen plaatsvinden. Maar daarmee is nog niet aangetoond dat het onderliggende probleem echt kleiner wordt in de praktijk. De overheid kan dus beter organiseren, coördineren en financieren zonder dat het antisemitisme daadwerkelijk afneemt.

Toegang

Het vraagstuk rond IJAR krijgt zodoende een bredere betekenis. Het gaat niet alleen om de vraag welke organisatie 3,5 ton ontvangt, maar ook om de vraag welke organisaties toegang krijgen tot de overheid en daarmee tot invloed en tot publieke middelen. IJAR, dat aanvankelijk als gesprekspartner wordt genoemd, kreeg uiteindelijk niets. NJSO en JMW werden echter wel onderdeel van de uitvoering.

De poet

Volgens de reconstructie dreigt een kleine kring van belanghebbenden er met de poet vandoor te gaan, aldus de reconstructie. Wie binnen dat bestuurlijke netwerk zit, kan invloed uitoefenen op de manier waarop het probleem wordt gedefinieerd én op de oplossingen, die vervolgens worden gefinancierd door de staat. Ten slotte is het niet de vraag wie het geld krijgt, maar vooral wat dat geld moet veranderen.

Onvoldoende

Als het doel is om Joodse studenten veiliger te maken, dan zou het succes van het beleid volgens de auteur moeten worden afgemeten aan de vraag of antisemitisme ook daadwerkelijk afneemt; en dus niet alleen aan de hoeveelheid aan overleg, organisaties en subsidies die rondom het probleem wordt georganiseerd. Waarom IJAR niet is uitgekozen, wordt in het stuk echter onvoldoende helder.

Gevestigde namen

De keuze van Letschert van JMW en de NJSO lijkt helder. Zo is JMW een gevestigde organisatie die hulp, advies en steun aan de Joodse gemeenschap biedt. Ook is er al ervaring met hulpvragen rond antisemitisme. De NJSO, die onder leiding van studentenrabbijn Yanki Jacobs staat, is gericht op Joodse studenten en past daarom direct bij het doel van de regeling: de sociale infrastructuur van Joodse studenten versterken.

Rol van Letschert

De rol van de minister roept echter vragen op. Tijdens het Kamerdebat van 21 april zei ze dat het bottom-up-initiatief vanuit de Joodse gemeenschap kwam, in het bijzonder vanuit IJAR, aldus Letschert toen. Maar uiteindelijk ging het geld naar andere organisaties. Echter, de minister presenteerde de situatie in het debat als als ver gevorderd. Maar wat is er tussen het gesprek met IJAR en de uiteindelijke subsidiekeuze gebeurd?

Wat?

Als de formele subsidiebesluitvorming na het Kamerdebat nog moest plaatsvinden, is het relevant om precies te weten wat Letschert op dat moment bedoelde: was het geld al politiek toegezegd, was alleen het budget gereserveerd, of was er al een keuze voor een uitvoerder? Juist omdat zij een gesprek had met IJAR is het relevant om te weten hoe haar contacten en de uiteindelijke subsidiekeuze zich tot elkaar verhouden.

Beeldmerk Jonet.nl.Waardeert u dit artikel?

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
Donatie
Betaalmethode
American Express
Discover
MasterCard
Visa
Maestro
Ondersteunde creditcards: American Express, Discover, MasterCard, Visa, Maestro
 
Kies uw betaalmethode

Wil je meer informatie of een hoger bedrag doneren? Ga naar jonet.nl/doneren

Categorie: |

Home » Nieuws » Letschert en de 3,5 ton: hoe IJAR buiten beeld raakte