Een Joodse reis door het naoorlogse Europa – filmrecensie
Met De man met de glimlach maakt Paul Cohen een persoonlijke film die in het verlengde ligt van zijn eerdere werk: ingetogen, observerend en geworteld in familiegeschiedenis. Dit keer vormt een archiefvondst de motor van de film: het reisdagboek van zijn vader Bram, geschreven tijdens een treinreis door het verwoeste Europa van 1947. Wat volgt is een dubbele reconstructie – van een fysieke reis én van een emotionele transformatie.
Het uitgangspunt van de film is beladen. Bram Cohen, Jood, overlevende van een Japans interneringskamp en geconfronteerd met de moord op een groot deel van zijn familie, reist kort na de oorlog door Duitsland naar Kopenhagen. In zijn dagboek beschrijft hij aanvankelijk een rauwe, bijna triomfantelijke blik op het verslagen Duitsland. Het zijn passages die schuren, juist vanwege de historische en persoonlijke context.
Het kantelpunt komt op een station in Hamburg, waar Bram geconfronteerd wordt met uitgehongerde Duitse kinderen. Daar verschuift zijn perspectief van wrok naar mededogen. Die morele omslag – van haat naar compassie – vormt de kern van de film en is direct herkenbaar als een van de grote existentiële vragen van de naoorlogse Joodse generatie: hoe verhoud je je tot de vijand wanneer die ook mens blijkt te zijn?

Rijdend archief
Paul Cohen volgt het spoor van zijn vader letterlijk in de trein, samen met zijn zus Inge. Die keuze werkt goed: haar aanwezigheid voegt gevoel en tegenwicht toe aan de soms wat afstandelijke voice-over van Cohen zelf. Gaandeweg ontvouwt zich niet alleen het verhaal van Bram als jonge man, maar ook dat van Bram als vader – een man die getekend was door trauma’s en zich binnen het gezin geen houding wist toe vinden.
Interessant is Cohens keuze om ook andere treinreizigers aan het woord te laten. Hun verhalen – over oorlog, verlies en vergeving – creëren een breder Europees perspectief, alsof de trein een rijdend archief van herinneringen is. Het idee is sterk: individuele geschiedenissen die elkaar kruisen en spiegelen. In de praktijk werken deze ontmoetingen wisselend.

Sommige verhalen voegen echt iets toe aan het centrale thema van vergeving, andere voelen wat geforceerd, waardoor de focus van de film wat verwatert. Zo wordt de film soms meer een mozaïekvertelling dan een samenhangend scherp betoog.
Morele worsteling
Visueel ziet De man met de glimlach er goed doordacht uit. Archiefbeelden van verwoeste steden worden gecombineerd met hedendaagse treinopnames, waardoor een gelaagd tijdsbeeld ontstaat. De cameravoering is bedachtzaam, soms bijna zwevend, en onderstreept de contemplatieve toon. Toch wringt hier iets. Diezelfde esthetiek zorgt er namelijk ook voor dat de film op afstand blijft.

De dramatische potentie van het verhaal – de morele worsteling van een jonge Joodse man in het puin van Europa – blijft wat aan de oppervlakte. De film registreert, maar confronteert zelden.
Gedegen
De man met de glimlach is inhoudelijk rijk, maar filmisch voorzichtig. Het verhaal van Bram Cohen is zonder meer indrukwekkend en raakt aan fundamentele vragen over schuld, wraak en vergeving in een naoorlogse context. Voor Joodse kijkers heeft het bovendien een extra lading, omdat het precies die morele ambiguïteit blootlegt die vaak buiten beeld blijft in de standaard goed versus kwaad oorlogsvertellingen.
Tegelijkertijd blijft de film als geheel iets te braaf. Waar het materiaal vraagt om scherpte en misschien zelfs ongemak, kiest Cohen voor een onderkoelde, bijna serene benadering. Dat levert een respectvolle en integere film op, maar ook een die zelden verrast of echt onder de huid kruipt. De man met de glimlach is daarmee een gedegen documentaire die vooral overtuigt door zijn onderwerp, maar minder door zijn uitwerking.

Waardeert u dit artikel?
Doneer hier dan een klein bedrag. Jonet.nl is een journalistiek platform dat zonder giften niet kan bestaan. Wij danken u bij voorbaat.
Wil je meer informatie of een hoger bedrag doneren? Ga naar jonet.nl/doneren






