Dé online community van Joods Nederland. 30 Nisan 5777 · 26 april 2017
 

Swipe voor meer nieuwsberichten
Deel dit bericht op
facebook of twitter




Meer uit categorie
Dossier





Gerelateerd
Joodse feestdagen

Het Jodendom kent verschillende feest- en gedenkdagen. Enkele daarvan zijn:

Rosj Hasjana

Het nieuwe Joodse jaar begint op de avond van 1 Tisjri (alle Joodse feestdagen beginnen ‘s avonds) en wordt twee dagen gevierd met onder andere zeer uitgebreide diensten in de synagoge. Iedereen wenst elkaar een goed en zoet jaar, en men deelt appeltjes met honing om deze wens kracht bij te zetten. Veel mensen maken of kopen een ronde challe, als symbool van de jaarcyclus.

Op de eerste twee dagen van de Joodse maand Tisjri wordt de sjofar (ramshoorn) geblazen, vandaar dat het feest in Tora Jom T’roea heet: de dag van het schallen (van de sjofar). Het is volgens de halacha (Joodse regels voor het leven) een plicht om op Joods Nieuwjaar de sjofar te horen. De reden dat deze maand gekozen is als eerste van de Joodse kalender, is dat de traditie de eerste dag van deze maand beschouwt als het moment dat Adam en Eva werden geschapen. Een meer prozaïsche uitleg is dat 1 Tisjri het begin van jaarlijkse landbouwcyclus was – en dus van het economische jaar – in het oude Israël.

Religieus gezien maakt Rosj Hasjana deel uit van de Jamiem Nora’iem (Ontzagwekkende dagen), die lopen van Rosj Hasjana tot Jom Kippoer (Grote Verzoendag). Traditioneel geldt Eloel, de maand voorafgaand aan Rosj Hasjana, als een voorbereiding op deze belangrijke periode. Zeer vrome Joden zeggen de gehele maand ‘s ochtends vroeg selichot, gebeden om vergiffenis.

Want dat is toch de spirituele kern van de Hoge Feestdagen: diep in jezelf zoeken naar fouten die jij in het afgelopen jaar hebt gemaakt ten opzichte van andere mensen en God. Geschillen uitpraten, proberen goed te maken wat je verkeerd hebt gedaan, en uiteindelijk vergeving vragen en geven. Volgens de Joodse traditie moet je eerst de problemen die je met anderen hebt oplossen. Pas daarna kun je om vergeving vragen aan God. Het is een periode van inkeer en terugkeer (‘tesjoewa’) volgens de Joodse traditie. Dat houdt in dat je door inzicht te krijgen in jouw eigen tekortkomingen en er vergeving voor te vragen, de weg vrij maakt voor ander gedrag in het komende jaar.

Symbolisch wordt een ieder op Rosj Hasjana ingeschreven in het Boek des Levens en, afhankelijk van wat je in de tien dagen tussen Rosj Hasjana doet, wordt dit oordeel bevestigd of gewijzigd op Jom Kippoer. De zwaarte van de periode wordt nog eens onderstreept door de gewoonte om witte kleding te dragen als je naar sjoel gaat. Witte kleding is in het jodendom een ‘memento mori': de doden worden immers in witte gewaden begraven.

Ook voor veel Joden die anders niet naar sjoel gaan, zijn de hoge feestdagen een aangrijpende spirituele ervaring. Maar uit onderzoek in 2016 bleek dat zo’n zeventig procent van de Europese Joden dat op dit moment niet meer doet. Dat is jammer, want je hoeft immers niet religieus te zijn om eerlijk naar jezelf te kijken en om je te laten louteren en daardoor met hernieuwde energie ernaar te streven een beter mens te worden.

Soekot

Soekot (Loofhuttenfeest) wordt gevierd van 15 – 22 Tisjri. Omdat de Joodse kalender een maankalender is, verschuift het elk jaar een beetje op de algemeen gebruikelijke (zonne)kalender. Van oorsprong is het een oogstfeest waarbij de laatste oogst van het jaar wordt gevierd. Dat aspect wordt nu nog vertegenwoordigd door de vruchten die in de soeka (loofhut) worden gegeten. Veel mensen versieren de soeka ook met (plastic) fruit. De loofhut zelf is een fragiel bouwsel dat na afloop van Soekot weer wordt afgebroken. Het dak moet zo zijn gemaakt dat je er de sterren doorheen kunt zien: meestal wordt het dan ook gemaakt van takken. Het is een mitswe (opdracht) om elke dag een maaltijd in de soeka te eten, bij voorkeur met vrienden en familie. Als je het heel goed wilt doen (en als het klimaat het toelaat!) kun je ook in de soeka overnachten.

Men vermoedt dat de oorsprong van de soeka ligt in de tijdelijke onderkomens, die men in de oogsttijd bouwde om niet steeds heen en weer te moeten reizen, maar de volgende dag vroeg meteen weer met de oogst verder te kunnen gaan. In de latere, meer spirituele betekenis van het feest, staat de soeka voor de tijdelijke hutjes die de Joden bouwden tijdens hun uittocht uit Egypte, op weg naar het Beloofde Land.

Soekot is ook één van de drie Pelgrimsfeesten (naast Pesach en Sjawoeot). In bijbelse tijden trok men dan naar de tempel in Jeruzalem, om gezamenlijk te danken voor de goede oogst, offers te brengen en uiteraard gezellig samen te zijn.

Volgens het voorschrift in Wajiekra (Leviticus) 23:40-41 wordt een bundel gemaakt met vier producten van bomen, namelijk de loelav, een palmtak; hadassiem, drie mirtetakken; aravot, twee beekwilgtakken; en een etrog, een grote, op een citroen lijkende citrusvrucht die heerlijk ruikt. Gezamenlijk heten zij de arba’a miniem (‘vier soorten’). De takken worden gebundeld en de etrog wordt er tegenaan gehouden. Tijdens het lezen van psalmen wordt de bundel naar de vier windrichtingen gezwaaid, naar boven en beneden, en naar achteren en voren.

De vier soorten staan symbolisch voor vier soorten Joden: de etrog is geurig en smakelijk, en staat voor Joden die Tora studeren én toepassen; de loelav is geurloos maar wel smakelijk, en staat voor Joden die alleen maar Tora studeren; hadassiem zijn geurig maar hebben geen smaak, zij staan voor Joden die wel volgens Tora leven, maar niet studeren; de aravot ten slotte zijn geur- en smaakloos, zij staan voor Joden die noch het één noch het ander doen. De rabbijnen voegden daar aan toe dat alle vier de soorten noodzakelijk zijn om een compleet volk te vormen.

De huidige religieuze betekenis van Soekot, dat ook wel hét feest wordt genoemd, is – net als de andere Pelgrimsfeesten – het herdenken van de uittocht uit Egypte, maar bovendien de menselijke afhankelijkheid van God, gesymboliseerd in het fragiele hutje dat wordt gebouwd. Veel interpretaties leggen de nadruk op de vergankelijkheid van materiële welvaart.

Op de laatste dag van Soekot, Simchat Tora (‘Vreugde der Wet’) wordt de cyclus van de jaarlijkse Toralezing beëindigd en weer opnieuw begonnen. Om de blijdschap over de Tora te uiten, danst men met de Torarollen in de synagoge.

Chanoeka

Tijdens Chanoeka herdenken de Joden de strijd met, en overwinning van de Makkabeeën, een familie van hogepriesters en hun aanhangers, op de Griekse Seleuciden-koning en vergriekste Joden, die in de aan God gewijde tempel in Jeruzalem een beeld van Zeus wilden plaatsen en er dus een Grieks heiligdom van wilden maken. Na de gewonnen strijd wilde men de Tempel herinwijden en de grote zevenarmige menora (kandelaar) aansteken. Er was nog slechts één kruikje gewijde olie te vinden, net genoeg voor één dag. Acht dagen, zo lang als nodig was om nieuwe gewijde olie te produceren, kwam er uit dat kruikje voldoende olie om de tempelmenora aan te steken. Men spreekt dan ook van ‘het wonder van Chanoeka’. Chanoeka wordt gevierd met het aansteken van kaarsen of oliepitten in een chanoekia, een achtarmige kandelaar met een aparte arm voor de sjamasj, de hulpkaars. Met de sjamasj wordt elke avond een kaars of oliepit méér aangestoken, tot op de achtste dag alle kaarsen of oliepitten branden. Ook worden er soefganiot gegeten, een soort Berliner bollen.

Juda de Makkabeeeër stichtte een zelfstandige staat die tot de Romeinse overwinning bleef bestaan. Na de stichting van de staat Israël in 1948 heeft chanoeka er een niet-religieuze, nationalistische dimensie bij gekregen.

https://www.youtube.com/watch?v=8TxUL7rUu54

Toe Bisjwat

Toe Bisjwat betekent letterlijk ‘de vijftiende van de maand Sjewat’. Het is een van de ‘kleine’ Joodse feestdagen en wordt in het Nederlands ‘Nieuwjaar van de bomen’ genoemd. In het Hebreeuws wordt het ook wel Chag ha’ilanot (feest van de bomen’) genoemd.

Oorspronkelijk had de dag een ‘belastingtechnische’ functie: de vruchten die vanaf deze dag af rijp werden, werden meegeteld voor het tiende deel dat in het volgende jaar geofferd moest worden in de tempel, met uitzondering van de ‘Sjmita’ jaren, waarin het land en de bomen met rust gelaten moeten worden. De regels voor het al dan niet mogen eten van de vruchten en het afdragen ervan aan de tempel worden in de Misjna gedetailleerd beschreven en in de Gemara verder uitgewerkt. Misjna en Gemara vormen samen de Talmoed.

In de zestiende eeuw stelde de kabbalist Jitschak Luria van Sefad een Toe Bisjwat seder in. De bomen en vruchten uit Israël die daar worden besproken, hebben allemaal een symbolische en mystieke betekenis. Het achterliggende idee was dat het eten van tien bepaalde vruchten en het drinken van vrier glazen wijn in een bepaalde volgorde, onder het opzeggen van de juiste b’rachot (zegeningen) de mensheid en de wereld dichter bij spirituele volmaaktheid en heelheid zouden brengen.  

In Israel, maar ook elders, is de kabbalistische Toe Bisjwat seder weer in ere hersteld. Veel Joden, zowel religieus als seculier, vieren deze seder. Er zijn speciale haggadot (meervoud van ‘haggada’, vertelling die bij de Pesach seder wordt gelezen) geschreven voor dit doel.

Sinds de jaren 1970 heeft Toe Bisjwat ook een ecologische dimensie gekregen: de van oorsprong kabbalistische seder wordt door milieubewuste Joden ingevuld met thema’s die te maken hebben met ecologie en het beschermen van de aarde.

Poeriem

Het woord poer betekent lot uit een loterij, vandaar dat het Lotenfeest heet in het Nederlands. Poeriem valt een maand voor Pesach. In het boek Esther staat beschreven hoe Koningin Esther het Joodse volk redde van de ondergang. In de vijfde eeuw voor de gewone jaartelling leefde het Joodse volk in ballingschap in het Perzische Rijk. Koning Achasjverosj, in wie sommigen koning Xerxes zien, had de Jodin Esther tot vrouw genomen en haar tot koningin gekroond. Haar neef én pleegvader Mordechai was ter ore gekomen dat de Perzische hoveling en eerste minister Haman de Joden wilde uitroeien. Haman had daartoe een wet uitgevaardigd en naar Perzisch gebruik door middel van een lot bepaald op welke dag hij dit wilde doen. Mordechai vertelde het Esther, die zich daarna tijdens een maaltijd met de koning bekendmaakte als Jodin en vertelde dat haar volk dreigde vernietigd te worden door Haman. Toen de koning dit vernam – hij was zeer gecharmeerd van Esther – werd hij woedend en konden de nodige tegenmaatregelen worden genomen om de niet te veranderen wet van Meden en Perzen teniet te doen. Zo werd deze potentiële doemdag voor de Joden een feestdag.

Op Poeriem wordt het Estherverhaal voorgelezen uit de Megilat Esther, de Esther-rol. Men brengt misjloach manot, sjlachmones, iets lekkers te eten en te drinken, aan familie en vrienden en geeft geld aan armen of charitatieve doelen. Er zijn carnavaleske verkleedpartijen en er wordt een feestmaaltijd gehouden. Men eet Hamantaschen, driehoekige gevulde zoete koekjes en Hamansoren, platte koeken in olie gebakken met poedersuiker bestrooid. Op deze dag mag, anders dan bij alle andere joodse feesten, alcohol rijkelijk vloeien. Sterker nog, men moet drinken tot men het verschil tussen Mordechai en Haman niet meer weet.

https://www.youtube.com/watch?v=tKkJydezg6I

Pesach

Tijdens Pesach vieren de Joden hun bevrijding uit de slavernij in Egypte en de uittocht uit dat land (Exodus). Dit wordt gezien als het begin van de geschiedenis van het Joodse volk. Het wordt de eerste twee dagen gevierd met een symbolische maaltijd die aan de hand van de Haggada het verhaal vertelt van slavernij en bevrijding.

Pesach valt in maart/april en duurt zeven dagen in Israël en in Joods-liberale kring. Acht dagen volgens de orthodoxe rite. Het feest vangt aan met Seideravond, de avond waarop het verhaal van de Uittocht met anekdotes, uitleg en gezangen wordt verteld volgens een eeuwenoude volgorde (= seder) uit de Haggada, het boek dat alle teksten voor deze avond bevat. Als er kinderen aan tafel zitten, stellen zij de vier vragen: waarom is deze avond zo anders dan alle andere avonden? Waarom eten we vanavond alleen matzes? Waarom bittere kruiden? Waarom dopen we twee keer in? Waarom leunen we vanavond? Het zijn vragen over slavernij en vrijheid. Onderwerpen die altijd weer mogelijkheid bieden tot levendige discussies aan tafel. Ook worden er vier bekers wijn gedronken en een feestelijke maaltijd gegeten. Naast deze traditionele seideravondviering vullen velen deze avond op eigen wijze in.

Gedurende de hele Pesachweek mogen Joden onder andere geen graanproducten die gerezen zijn eten. In plaats van brood eet men matzes. Verder is alles waarin gist is verwerkt verboden: bier, gewone wijn (er is speciale Pesachwijn), azijn en producten waarin azijn is verwerkt. Het verbod op gist is uitgebreid met alles dat zwelt in water: rijst (alleen voor Asjkenazische Joden), peulvruchten, mais en nog veel meer.

Kunstenaars en grafici hebben door de eeuwen heen prachtige platenboeken van de Haggada gemaakt. Er zijn beroemde Haggadot (meervoud van Haggada) te vinden in musea, onder andere de Sarajevo Haggada, gepubliceerd in 1350 in Barcelona en nu in het Nationaal Museum in Sarajevo; de Praagse Haggada uit 1526 en de Rylands Haggada uit de veertiende eeuw.

 



 

Voer uw zoekopdracht in en druk op enter

X